College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden

Classificatie: doorlopend toetsen aan technische en wetenschappelijke inzichten

Als een toelatinghouder een product heeft met een werkzame stof, oplosmiddel of andere hulpstof waarvan de classificatie verandert, is hij verplicht de gevolgen daarvan door te rekenen en zo nodig een administratieve wijzigingsaanvraag in te dienen.

Wereldwijd worden dezelfde pictogrammen en zinnen over gezondheid en gevaar gehanteerd voor stoffen en mengsels. Iedereen kent de pictogram voor ontvlambare stoffen of de doodskop met beenderen voor giftige stoffen. Het systeem is van de Verenigde Naties en daarvan bestaat ook een Europese variant, de CLP Verordening. Doorlopend wordt getoetst of de classificatie (indeling) van stoffen nog voldoet aan de technische en wetenschappelijke vooruitgang. Dit kunnen werkzame stoffen zijn, oplosmiddelen of andere hulpstoffen. Aanpassingen van de lijst worden regelmatig gepubliceerd in een zogenoemde ATP (adaption to technical and scientific progress).

Wijzigingsaanvraag

Als de classificatie van een stof verandert, zijn producenten van een middel op basis van zo’n stof verplicht te bepalen of dat gevolgen heeft voor hun middel. Zij zijn hiervoor zelf verantwoordelijk en moeten zelf actie ondernemen. Producenten moeten daar dus op bedacht zijn, want het kan zijn dat zij het etiket moeten veranderen of dat dit consequenties heeft voor de toelating. Voor gewasbeschermingsmiddelen en biociden gaat dat via een administratieve wijzigingsaanvraag van het etiket bij het Ctgb of via R4BP, het biocidenregister van de ECHA. Nadat het Ctgb een besluit heeft genomen, kan het etiket worden aangepast.

Lees hier meer over CLP-verordening.