College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden

Ctgb kritisch doorgelicht


Een internationale visitatiecommissie (IVC) onderzocht in het voorjaar 2013 indringend en diepgaand de werkwijze bij het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb). Tijdens deze visitatie is de wetenschappelijke en juridische kwaliteit van de besluitvorming maar ook de bedrijfsvoering (bijvoorbeeld het personeelsbeleid) tegen het licht gehouden. De commissie vermeldt in haar rapport een aantal aanbevelingen en spreekt het vertrouwen uit in de gang van zaken bij het Ctgb en daarmee ook in het Nederlands toelatingsbeleid voor gewasbeschermingsmiddelen en biociden.

Onafhankelijke internationale deskundigen

Herman Koëter, voormalig wetenschappelijk directeur van de EFSA (European Food and Safety Authority), is door het college benoemd als voorzitter van een internationale visitatiecommissie. De commissie, samengesteld door dhr. Koëter, bestond uit deskundigen op het vlak van onder andere risico-management, toxicologie en chemie. De commissie-leden waren afkomstig uit verschillende lidstaten van EU. De Visitatiecommissie heeft in juli 2013 zijn eindrapport aan het College aangeboden.

De vragen die de Commissie zich heeft gesteld waren:

  1. Zijn de besluiten van het Ctgb in overeenstemming met de geldende regelgeving en de geldende toetsingskaders?
  2. Zijn de besluiten helder en compleet?
  3. Gaat het Ctgb op de juiste wijze om met de aangeleverde gegevens, de daar bij behorende onzekerheid en de gebruikte aannames?

De IVC heeft in vrijheid het onderzoek georganiseerd en had toegang tot alle documenten van het Ctgb.
De belangrijkste conclusies van de IVC zijn:

  • ... there were no instances in which they found either a Ctgb risk assessment opinion or a risk management decision reviewed, to be inadequately grounded or to be inappropriate (de IVC heeft geen besluiten gevonden die niet adequaat waren onderbouwd of niet juist waren).
  • However, a higher level of openness and transparency by the Ctgb would minimise the possibility of third parties having a different perception (de IVC beveelt aan om transparanter te zijn over de besluiten en de onderbouwing hiervan); and
  • … the Ctgb is a regulatory agency that is well run, has significant resources and has capacity above and beyond what might have been expected (de IVC concludeert dat het Ctgb een wetenschappelijk gedreven toelatingsautoriteit is die goed wordt geleid over aanzienlijke middelen beschikt en een capaciteit boven wat kon worden verwacht.)

De Commissie heeft 29 aanbevelingen gedaan die tot een verdere kwaliteitsverbetering kunnen leiden. Deze liggen op het vlak van transparantie, verbetering interne proces en personeelsbeleid. Het Ctgb is uiteraard ingenomen met het positieve oordeel van de Visitatiecommissie. De aanbevelingen worden overgenomen en inmiddels is een plan van aanpak beschikbaar. Het Ctgb beschouwt de internationale visitatie als een waardevol instrument voor de borging van een uniforme uitvoering van het EU toelatingsbeleid en is voorstander van een Europese aanpak in deze zin. Dat bevordert de transparantie van het proces van toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden en is belangrijk ter bevordering van het “level playing field” in Europa.

IVC_Koeter en De Leeuw
Herman Koëter, voorzitter IVC, overhandigt het rapport aan Collegevoorzitter Johan de Leeuw.