Restrictie voor gebruik in grondwaterbeschermingsgebieden voortaan teeltspecifiek

Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) biedt voor aanvragen vanaf 1 augustus 2016 de mogelijkheid om restricties in grondwaterbeschermingsgebieden teeltspecifiek te maken. Tot nu toe golden deze restricties generiek voor alle teelten op het wettelijk gebruiksvoorschrift (WG). Dit met het oog op de handhaving.

Op verzoek van het college heeft de NVWA geadviseerd over de vraag of het handhavingsargument nog steeds speelt. De NVWA gaf aan dat naar de huidige inzichten ook een specifieke restrictie voor één toepassing handhaafbaar is. Op grond van de verplichte spuitadministratie die een gebruiker moet bijhouden, kan worden nagegaan wanneer, op welke percelen en in welke teelt een specifiek middel is toegepast. Bij twijfel of ter controle kunnen monsters genomen worden om vast te stellen of een specifiek middel op een perceel is gebruikt.

Met de bestaande regeling konden nieuwe toepassingen van een bestaand middel leiden tot een algemene restrictiezin voor grondwaterbeschermingsgebieden. Dit remt innovaties. Een restrictiezin teeltspecifiek maken biedt ruimte voor toepassingen die minder belastend zijn omdat de beperking slechts voor deze ene toepassing geldt en het gebruik in andere toepassingen niet remt. Het Ctgb werkt met ingang van 1 augustus ‘16 volgens deze nieuwe beleidslijn. Voor lopende aanvragen past het Ctgb in principe het nieuwe beleid niet toe tenzij de beoordeling nog niet is gestart. In dat geval kan de aanvrager in overleg met de projectleider kiezen voor een generieke zin op het etiket of desgewenst een teeltspecifieke restrictie.