In navolging van de 1e visitatie in 2013 onderzocht de internationale visitatiecommissie (IVC) in 2018 de werkwijze bij het Ctgb. De IVC bekeek het wetenschappelijke proces, de wetenschappelijke resultaten en het besluitvormingsproces van het College, en concludeerde dat het Ctgb een deskundige en internationaal – in en buiten Europa – gewaardeerde organisatie is.

De kwaliteit van de risicobeoordeling van gewasbeschermingsmiddelen en biociden in Nederland voldoet ruimschoots aan de wetenschappelijke eisen. Dat is de conclusie van een internationale commissie na de evaluatie. Dit onderstreept dat door het Ctgb toegelaten gewasbeschermingsmiddelen en biociden voldoen aan de veiligheidseisen voor mens, dier en milieu. De internationale commissie was in het bijzonder positief over de kwaliteit van de wetenschappelijke ‘output’, de efficiënte en continue aanpassing van de beoordelingspraktijk aan de veranderende Europese wetgeving en de actieve bijdrage van het Ctgb aan de toelating van biologische en laag-risicomiddelen. En daarnaast over de reikwijdte en de rol van het Ctgb in de Europese Unie.

Het Ctgb heeft het rapport en een reactie met plan van aanpak gestuurd naar de verantwoordelijke ministers: minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (gewasbescherming) en minister Van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat (biociden).

Onafhankelijke internationale deskundigen

Het College benoemde als voorzitter van de eerste visitatie Herman Koëter, voormalig wetenschappelijk directeur van de EFSA (European Food and Safety Authority). Ook voor de tweede visitatie is dhr Koeter voorzitter van de commissie en steld hij de commissie samen uit deskundigen op het vlak van onder andere risico-management, toxicologie en chemie. De commissie-leden waren afkomstig uit verschillende lidstaten van EU.