Het Ctgb: een jaar in beeld

Terugblik op het jaar 2025
Download00:00:01 Nicole van Straten, manager afdeling gewasbeschermingsmiddelen
Over gewasbeschermingsmiddelen wordt veel gesproken In de samenleving, In de politiek en ook voor de rechter. Eind vorig jaar schreef het Ctgb een position paper. Marcel van Raaij legt uit waarom.
00:00:13 Marcel van Raaij, directeur – secretaris Ctgb
Nou we zien inderdaad dat het gesprek In de samenleving eigenlijk steeds scherper wordt. Enerzijds de mensen die zeggen van goh ‘we hebben die middelen nodig en Ctgb heeft er goed naar gekeken, dus die dat eigenlijk interpreteren als een absolute veiligheidsgarantie. En aan de andere kant hebben we de samenleving die zegt we moeten met minder middelen toe en die onzekerheden die nog aan toelating zitten. Daar maken we ons zorgen over en we zien dat ook terugkomen in rechtszaken. Wij zijn geen partij in die rechtszaken. We worden ook meestal niet bevraagd. Wat vinden wij daarvan? En dat hoeft ook lang niet altijd in dit soort civiele zaken, Maar we vonden het wel nodig om daar een keer over op te schrijven. Wat wij daarvan vonden en in zo’n position paper goed uit te leggen, hoe doen we zo'n beoordeling nou wel? Waar houden we allemaal rekening mee, maar ook welke onzekerheden? Zitten er aan een toelatingssysteem vast en maar wat weten we ook wel over die onzekerheden en welke mogelijkheden zijn er nog meer om buiten de toelating ook op een andere manier beleid te maken of uitvoering te geven aan minder middelengebruik?
00:01:20 Marcel van Raaij, directeur – secretaris Ctgb
Ook andere overheden en generieke wetgeving die we in dit land hebben. Ik noem bijvoorbeeld maar degene die het toepast heeft ook te maken met de arbo-wetgeving. We hebben ook algemene milieuwetgeving, maar ook andere overheden kunnen een rol spelen om de specifieke lokale omstandigheden mee te Laten wegen. Als men dat wenselijk vindt in hun eigen beleid.
00:01:40 Nicole van Straten, manager afdeling gewasbeschermingsmiddelen
Ook bij biociden zien we duurzame alternatieven. Afgelopen jaar zetten we Samen met het collectiecentrum een belangrijke stap de toelating van stikstof als middel om historisch erfgoed te conserveren.
00:01:51 Rixta Hempenius, teamleider projecten
Ik vind het een heel mooi voorbeeld van hoe we binnen biociden ook aan verduurzaming kunnen doen. Dus toen het Collectiecentrum Nederland in Amersfoort bij ons aankwam, waren wij ook meteen enthousiast om daar een bijdrage aan te leveren en ook te kijken van hoe wij samen tot een toelating hiervoor kunnen komen. Toepassen van stikstof, een relatief veilig middel dood insecten en larven en daarmee behouden we ook gewoon ons cultureel erfgoed op een hele mooie schone manier. Je werkt met een afgesloten ruimte. Je komt er verder niet bij, je onttrekt iets. Er staan objecten. Verder heb je geen blootstelling en dan wordt het werk gedaan. Dus ja, hoe mooi Er is geen blootstelling bij de mens of het milieu.
00:02:39 Nicole van Straten, manager afdeling gewasbeschermingsmiddelen
Als een Europees land nieuwe wetenschappelijke inzichten deelt, vinden wij het belangrijk om daarnaar te kijken. Dat deden we ook toen Denemarken vorig jaar een ingrijpend besluit nam.
00:02:48 Jeannette Paulussen, teamleider expertise
Denemarken heeft een studie uitgevoerd waarbij een verschillende PFA stoffen laten zien dat er TFA metaboliet gevormd wordt In de bodem en ook dat dat ook in het grondwater terecht komt. En naar aanleiding daarvan hebben ze de middelen herbeoordeeld om te zien of dan de middelen nog voldoen aan de toelatingseisen die die We hebben in Europa en daar blijkt dat dat dat dus niet het geval is. Op basis daarvan zou je hebben wij gekeken naar die studie en hebben we geconcludeerd dat de resultaten daarvan ook van toepassing, zijn voor de Nederlandse situatie. Aangezien het aannemelijk is dat de basis van deze nieuwe gegevens ook voor Nederland deze middelen niet meer aan de toelatingseisen voldoen heeft het college van het Ctgb besloten om een herbeoordeling te starten. Het Ctgb is zich bewust van de mogelijke gevolgen hiervan voor het middelenpakket en Daarom hebben we ook de minister geïnformeerd om hier verder naar te kijken voor wat de gevolgen zijn.
00:03:54 Nicole van Straten, manager afdeling gewasbeschermingsmiddelen
Er was meer voor biociden namen we het initiatief om een workshop te organiseren met Europese collega autoriteiten. Dit om de samenwerking en afstemming binnen Europa te versterken. Een succesvolle bijeenkomst die is opgevolgd door onze collega's uit Italië.
Na uitspraken van het Europese Hof van Justitie, die duidelijk maakten dat we als volgende lidstaat mogen afwijken als er nieuwe, betrouwbare wetenschappelijke inzichten zijn, hebben we onze werkwijze daarop aangepast. Nadat sommige wetenschappers kritisch waren over de statistische toetsing van carcinogeniteitsstudies, namen we het initiatief voor een gesprek hierover. We kwamen samen tot de conclusie dat zogenaamde eenzijdige toetsing de voorkeur verdient. Wel is statistiek slechts een onderdeel van de overweging of een stof kankerverwekkende eigenschappen heeft of niet. Het Ctgb en RIVM dragen deze bevindingen uit in Europese overleggen.
Het is van groot belang dat zogenaamde groene middelen met een laag risicoprofiel sneller worden toegelaten. Het Ctgb pleit hier zowel nationaal als internationaal voor en heeft concrete voorstellen gedaan voor een meer passende en efficiëntere beoordeling.
00:05:01 Rob van Lint collegevoorzitter
Wij zijn actief op vele fronten.
Het gebruik en de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen en biociden krijgt veel belangstelling in de wetenschap, de samenleving en de politiek. Sommige organisaties vinden dat wij een scherper beoordelingskader zouden moeten hanteren of dat we andere aspecten zouden moeten meenemen, zoals de natuurwetgeving.
Anderen vinden dat we meer rekening zouden moeten houden met de behoeften van de gebruikers. We begrijpen deze vragen en zorgen en staan open voor de dialoog met Iedereen om te zien waar wij zouden kunnen bijdragen. Tegelijkertijd vinden wij het belangrijk om ons te houden aan de wettelijke taken. Dat doen we vanuit onze onafhankelijke positie, gebaseerd op wetenschappelijke kennis en gegevens.