Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) beoordeelt volgens internationale afspraken en in de wetgeving verankerde criteria of gewasbeschermingsmiddelen en biociden – bij juist gebruik – veilig zijn voor mens, dier en milieu én of ze werkzaam zijn. Op grond van deze beoordeling besluit het college of het middel in Nederland verkocht en gebruikt mag worden. Daarbij stelt het ook duidelijke voorschriften verplicht, die minimaal op het etiket moeten staan.

Het Ctgb is onafhankelijk, maar opereert wel binnen Europese en nationale wetgeving en beleidsregels. De beoordelingen van door het Ctgb toegelaten middelen zijn voor een groot deel openbaar. Zo kan iedereen achterhalen op basis van welke onderzoeken het Ctgb een middel toelaat en welke overwegingen daarbij een rol hebben gespeeld.

Daarnaast adviseert het Ctgb op basis van zijn technisch-wetenschappelijke deskundigheid verschillende ministeries over wet- en regelgeving en beleid over gewasbeschermingsmiddelen en biociden.