Het importeren van een biocide uit een andere lidstaat van de EU is alleen mogelijk als er in Nederland al een toegelaten middel op de markt is met een identieke samenstelling als het te importeren middel.
Wat is een vergunning voor parallelhandel?
Een vergunning voor parallel handel is een vergunning om een middel uit een lidstaat van de EU te mogen importeren en in Nederland op de markt te mogen brengen. Een belangrijke voorwaarde is dat het middel wat geïmporteerd wordt identiek (volgens SANCO guideline 10524/2012 (July 2015, Version 5.2, chapter 4)) is aan een middel dat al in Nederland is toegelaten.
Waarom worden vergunningen voor parallelhandel verleend?
Het doel van het verlenen van vergunningen voor parallel handel is het bevorderen van het vrije handelsverkeer en het bevorderen van de beschikbaarheid van biociden in de lidstaten. Het vrije handelsverkeer van biociden dient te worden vergemakkelijkt zonder onnodige belemmeringen op te werpen, maar tegelijkertijd moet worden gewaarborgd dat er geen onaanvaardbare risico's zijn voor mens, dier en milieu.
De producten die door middel van een door Ctgb verleende parallelhandels vergunning zijn toegelaten mogen betreft toelatingen die alleen mogen worden verkocht en gebruikt in Nederland.
Voor iedere partij biociden, die onder een parallelhandelsvergunning valt, die ingevoerd wordt in Nederland moet separaat en onmiddellijk een kennisgeving ingediend worden bij handhavende instanties ILenT (of, voor consumentenproducten, de NVWA) en het Ctgb met het formulier Kennisgeving invoer biocide (parallelle import)
De vereisten voor een parallelhandelsvergunning hiervoor zijn opgenomen in de Registration Manual.