Het (inter) zonale systeem voor gewasbeschermingsmiddelen

Om dubbel werk te vermijden, de administratieve belasting van bedrijven en lidstaten te verminderen en een geharmoniseerde beschikbaarheid van gewasbeschermingsmiddelen te vergroten, moeten toelatingen die door een lidstaat worden verleend, door andere lidstaten met vergelijkbare landbouw-, fytosanitaire en ecologische (waaronder klimatologische) omstandigheden worden aanvaard.

EU in 3 zones verdeeld

Om deze wederzijdse erkenning te vergemakkelijken, is de EU in zones verdeeld waar vergelijkbare landbouw-, fytosanitaire en ecologische (waaronder klimatologische) omstandigheden heersen.

  • Zone A — Noord: Denemarken, Estland, Letland, Litouwen, Finland, Zweden
  • Zone B — Centraal: België, Tsjechië, Duitsland, Ierland, Luxemburg, Hongarije, Nederland, Oostenrijk, Polen, Roemenië, Slovenië, Slowakije, Verenigd Koninkrijk
  • Zone C — Zuid: Bulgarije, Griekenland, Spanje, Frankrijk, Italië, Cyprus, Malta, Portugal (noot Ctgb: plus Kroatië)

De aanvragen tot toelating worden binnen deze zones verdeeld, waarbij 4 stuurgroepen de regie hebben: 1 stuurgroep voor elke zone, met een roulerend voorzitterschap, plus een coördinerende, zogenaamde interzonale stuurgroep, voorgezeten door een lid van de Commissie, en waar de (inkomend) voorzitters van de 3 andere stuurgroepen aan deelnemen.

Interzonale toelating

De aanvrager kiest een lidstaat naar eigen keuze voor de beoordeling van de interzonela aanvraag. Deze lidstaat wordt de interzonale Rapporteur Member State ( izRMS) genoemd; de andere betreffende lidstaten zijn ‘concerned Member States’ (cMS).

Direct naar:

  • (Inter) zonale aanvraag Nederland Rapporteur Member State: zRMS
  • (Inter) zonale aanvraag Nederland Concerned Member State: CMS